Pas de deux

‘Vanaf vandaag gaan we het helemaal anders doen. We vragen onze patiënten waar zij aan willen
werken en op basis daarvan maken we samen met hen een behandelplan.’ Zo simpel zou de start
met Persoonsgerichte Zorg 2.0 kunnen zijn als zorgverleners en patiënten allemaal hetzelfde waren.
Qua persoonlijkheid en mogelijkheden, qua kennis en ervaringen. De werkelijkheid is natuurlijk
anders. Niemand is gelijk. We brengen allemaal onze persoonlijke bagage mee. En voor
Persoonsgerichte Zorg 2.0 of ‘samen beslissen’ heb je twee mensen nodig. Dat kun je als zorgverlener
niet aan je patiënten opleggen en de patiënt kan niet verlangen dat de zorgverlener het voor hem of
haar oplost.

Als zorgverlener neem je in de regel wel het initiatief. Je gaat vol enthousiasme aan de slag en dan….
blijkt dat niet alle patiënten staan te springen om actief aan de slag te gaan met hun eigen
gezondheid. Dat is niet zo gek als je bedenkt dat zij misschien geen last ervaren van hun aandoening
of al jarenlang zijn ‘afgerekend’ op hun actuele bloedwaardes. Hoezo zijn die ineens niet meer van
belang? Ik adviseer praktijkondersteuners en huisartsen om een harde knip te maken in het consult.
Leg uit waarom je een ander soort vragen gaat stellen, dat het er niet meer om gaat wat jij als
zorgverlener vindt, maar wat hij of zij als patiënt wil. En stel een verrassingsvraag om het ijs te
breken, zoals: ‘Wat dacht u onderweg hiernaartoe?’.

Natuurlijk betekent Persoonsgerichte Zorg 2.0 niet dat alle wetenschappelijk onderbouwde
behandelprotocollen het raam uit moeten. Het betekent wél dat je je als zorgverlener moet
verdiepen in je patiënt. Wat beweegt hem of haar, wat wil hij of zij behouden, wie is hij of zij in een
fase van verandering? Het vier bollen model en de patiëntprofielen die ik in mijn trainingen aanbiedt,
helpen om uit te vinden wie er tegenover je zit en geven de patient inzicht in zijn of haar
beweegredenen. Wat iemand diep van binnen wil met zijn gezondheid, maar ook welke weerstanden
er zijn en wat iemand weet over zijn eigen ziekte. Als je dat in beeld hebt, weet je welke informatie,
actie of aanpak nodig is om verbinding te maken.

De kunst is vervolgens om samen de doelen haalbaar en de acties overzichtelijk te houden, zodat
kleine triomfen kunnen worden gevierd. Want niets is zo fnuikend voor de actieve rol van de patiënt
en het enthousiasme van de coachende professional als te ambitieuze doelstellingen die keer op keer
niet worden gehaald.

Karin Dubois